Restauraties

In de loop van de tijd is de Engelmunduskerk verbouwd en gerestaureerd. De laatste restauraties vonden plaats in 1967-1969, 2002-2003 en het laatste grootonderhoud aan de kerk vond plaats in 2024.

 

Al voor de Tweede Wereldoorlog was het kerkgebouw met de toren dringend aan restauratie toe. Na de oorlog was de restauratie te meer dringend doordat het gebouw op last van de bezetter was ontruimd en het vervolgens veel te lijden heeft gehad.

 

Het kerkbestuur diende in 1945 een ingrijpend plan in bij het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (OKW), inclusief het herstel van de oude zuidelijke kerkbeuk. De kosten van dit plan werden geraamd op ¦ 60.000,– en omgerekend naar het heden zo’n twee miljoen Euro. Het plan werd niet uitgevoerd vanwege de hoge kosten. Met regelmatige tussenpozen werden nieuwe restauratieplannen opgesteld en ingediend bij het Rijk. Hoewel elk plan weer geringer van opzet was, kreeg geen van deze plannen de goedkeuring vanwege financiële en andere redenen.

In overleg met de Rijksdienst voor de Monumentenzorg werd op 25 april 1967 een zogenaamd consolidatieplan ingediend, waarvoor in augustus 1967 goedkeuring werd verkregen van het toenmalige Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM) In het plan was ook de herindeling van het meubilair opgenomen, een zogenaamd bankenplan, waarmee werd ingestemd. Het consolidatieplan resulteerde in het creëren van het liturgisch centrum aan de oostzijde van de kerkzaal, het verplaatsen van de preekstoel en een gewijzigde opstelling van de kerkbanken.

Op 26 oktober 1969 werd, na een onderbreking van drie jaar, de Engelmunduskerk weer in gebruik genomen voor het houden van erediensten.

Verder werd in deze bouwperiode (1967-1969) de consistoriekamer en het wijkgebouw als nieuwe aanbouwen gerealiseerd. Na de fusie met de Hervormde kerkgemeente van IJmuiden-Oost werd de naam van het wijkgebouw gewijzigd in de Goede Herderzaal.

 

In de jaren negentig van de vorige eeuw werd duidelijk dat een nieuwe restauratie noodzakelijk was, waarbij vooral het vochtprobleem in de muren aandacht nodig had. Ook het conserveren van het houtwerk was belangrijk. Het pleisterwerk in de kerk was op vele plaatsen aangetast en ook waren veel houtconstructies in slechte staat. Het totale restauratiewerk werd begroot op ¦ 1.500.000,–. Van dit bedrag was ongeveer ¦ 700.000,– subsidiabel. De overige gelden werden verworven door het aanvragen van donaties, giften en subsidies bij diverse stichtingen en verenigingen. Diverse acties, georganiseerd door leden van de Kerk, leverden veel geld op. Medio september 2002 werd een begin gemaakt met de restauratie van de kerk en op 7 september 2003 kon de kerk met een feestelijke eredienst weer in gebruik worden genomen.

 

Dankzij periodiek en regulier onderhoud, en het grootonderhoud in de jaren 2002-2003 en 2024, staat de kerk er nog altijd prachtig bij.